EU-fondsen leveren meeste Nederlandse provincies meer op dan ze kosten
Gemiddeld leveren Europese fondsen Nederlandse provincies ongeveer 99 cent extra bbp per hoofd op voor iedere afgedragen euro. De verschillen zijn aanzienlijk: Noord-Holland en Noord-Brabant komen uit op 84 cent, terwijl Drenthe twee euro aan economische groei realiseert. Ook Zeeland en Groningen profiteren relatief sterk. Welke fondsen het meeste effect hebben, hangt samen met de regionale economie. Kennisregio’s hebben vooral baat bij innovatieprogramma’s zoals Horizon, terwijl agrarische en sociaal-structurele fondsen belangrijker zijn voor andere provincies.
Daarnaast verkleinen EU-investeringen de economische verschillen tussen provincies. Vooral noordelijke provincies ontvangen relatief veel geld per inwoner, waardoor hun economie sneller kan groeien dan die van sterkere regio’s. Het onderzoek plaatst daarmee een belangrijke kanttekening bij de discussie over Nederland als nettobetaler. Bij de onderhandelingen over de toekomstige EU-begroting zou niet alleen naar de afdracht moeten worden gekeken, maar ook naar de economische effecten op langere termijn en de bijdrage aan regionale ontwikkeling.
Dit is een samenvatting van het volledige artikel op ESB.